Hebron is bastion van fanatisme

HEBRON - Voor de joodse kolonisten in Hebron leven de IsraŽlische en Palestijnse vredesonderhandelaars in een andere wereld. Op de plaats waar de aartsvaders liggen begraven bouwen zij aan het Rijk van God, en geen wet van de mens zal hen daar vanaf houden. Hebron is vandaag de grootste hinderpaal voor het vredesproces in het Nabije Oosten, en de moord op de IsraŽlische premier Yitzak Rabin heeft de gemoederen hier alleen nog maar meer verhit.

Hebron is vandaag het symbool van religieuze onverdraagzaamheid en van fanatisme, een bastion van de radikale Palestijnse groepering Hamas maar ook van joodse fundamentalisten. Beschermd door honderden IsraŽlische militairen leven 415 joodse kolonisten in het centrum van de oude stad, temidden een zee van meer dan honderdduizend Palestijnen. En aan de rand van Hebron worden joods-religieuze nederzettingen uitgebouwd als Kiryat Arba, een gemeenschap waar Baruch Goldstein verleden jaar de inspiratie vond om 29 Palestijnen dood te schieten in een van de heiligste plaatsen van zowel moslims als joden.

"Dood aan de Arabieren", hebben de joodse kolonisten in het hartje van de stad geschilderd op Arabische winkels. Maar ernaast hebben de winkeliers in Arabische letters gereplikeerd: "In Hebron is geen plaats voor joden."

"Wij voelen ons niet meer thuis in onze eigen stad", klaagt SaÔd Moebarak (58), een poelier in het centrum van Hebron. "Op nog geen 200 meter van het graf der patriarchen zijn de joodse kolonisten neergestreken. Tien keer per dag worden wij tegengehouden en gekontroleerd door IsraŽlische militairen." Op de buitenmuur van zijn winkel hebben de kolonisten hun Davidster geschilderd, en in Hebreeuwse letters staat geschreven: "Hebron is van ons, nu en tot de komst van de Messias."


Opdoeken

Noam Arnon, woordvoerder van de 415 joodse kolonisten in hartje Hebron, zegt: "Deze stad behoort tot het land van IsraŽl. Dit is het land dat God heeft gegeven aan Abraham en waar hij het verbond sloot met zijn uitverkoren volk. Hebron is de koningsstad van David. Meer dan duizend jaren hebben de joden gewoond bij het graf van de aartsvaders. Er kan geen sprake van zijn dat wij deze gemeenschap opdoeken. Wij keren terug naar de grond, van waar onze voorouders werden verdreven door het Arabisch I bloedbad van augustus 1929."

Wat deze religieus geÔnspireerde apartheid betekent heeft Wafa Chada zelf ervaren. Vijf dochtertjes heeft zij die leerling zijn in het Qurtuba-schooltje, boven een IsraŽlisch legerkamp in het centrum van de oude stad.


School

Een van haar dochtertjes, Neda (12), vertelt hoe twee maanden geleden dertig joodse kolonisten op de school binnenstormden, de vensters kapot gooiden met stenen, vuilnisbakken leegkieperden, de lerares Nawre het ziekenhuis in klopten en de Palestijnse vlag afrukten die hen een doorn in het oog was. Een andere dochter, Amira (13), zegt dat vijftien kinderen werden opgenomen in het ziekenhuis, en dat de IsraŽlische militairen van dichtbij werkloos toekeken terwijl de kolonisten als vandalen tekeer gingen.


Vier paren

De joods-religieuze stichting in de binnenstad van Hebron kwam tot stand in 1979, toen een groep vrouwen en kinderen vanuit Kiryat Arba hier een bezetting begonnen die na acht maanden werd erkend door de regering in Jeruzalem. Kiryat Arba is een van de meest controversiŽle nederzettingen in de oostelijke buitenwijken van Hebron, waar sedert 25 jaar zesduizend kolonisten wonen.

Letterlijk vertaald betekent Kiryat Arba "de stad van de vier (paren)." Dat zijn Adam en Eva, die hier begraven liggen in een graf dat Abraham aantrof bij de ingang naar het aards paradijs, en verder de aartsvaders Abraham met zijn vrouw Sarah, Isaac en Rebecca en Jacob en Leah.

Bij de ingang van Kiryat Arba ligt in een parkje het praalgraf van Baruch Goldstein, de dokter van deze gemeenschap die verleden jaar 29 moslims doodschoot in de grafmoskee van de aartsvaders. De afgelopen maanden groeide het graf van Goldstein uit tot een bedevaartsplek waar joodse fundamentalisten zijn nagedachtenis kwamen eren en hun verzet tegen het vredesproces kwamen bevestigen.

In Kiryat Arba leven de joodse kolonisten in een zelf gekozen getto, bovenop een omheinde heuveltop aan de rand van Hebron. Zware slagbomen sluiten de toegang af, en de kontrolepost lijkt op een echte bunker. Binnen de nederzetting is de politiepost nog eens omheind. Sommige bewoners in burger lopen over straat met een geweer over de schouder.

In tegenstelling tot elders in IsraŽl zijn hier geen affiches aangeplakt met de foto van Yitzak Rabin. Er is wel een oproep uitgehangen voor een betoging in Jeruzalem waar de vijfde verjaardag zal worden herdacht van de moord op de fanatieke rabbi Meir Kahane.

Een van de inwoners van Kiryat Arba is Roel-Jan Van As, een Nederlandse immigrant uit Leiden die hier acht jaar geleden aankwam. Hij ruilde zijn baan als invoerder van Perzische tapijten in Nederland voor die van veiligheidsagent in Kiryat Arba.

Vandaag rijdt hij in Hebron rond met een legerjeep, want hij is net weer opgeroepen voor zijn 55 dagen per jaar als reservist in het IsraŽlisch leger. Op zijn heup draagt hij een zware revolver, over zijn schouder hangt een oorlogsgeweer. Waarom hij immigreerde? "Uit overtuiging", zegt hij. Hij verduidelijkt dat de joodse nederzettingen buffers zijn tegen de Palestijnen en dat hij wil bijdragen om het bijbelse land van IsraŽl opnieuw te bevolken.

Roel-Jan Van As vindt de moord op de IsraŽlische premier verwerpelijk, maar bevestigt dat er in Kiryat Arba werd gedanst van vreugde toen het nieuws van de aanslag op Yitzak Rabin bekend raakte.

Toch zijn volgens hem de meeste inwoners van deze nederzetting geen fanatieke extremisten. Velen hebben zich hier gevestigd om financiŽle redenen: hier kost een flat drie miljoen fr, in Jeruzalem vijf keer zoveel.


Mon Vanderostyne
Hebron
13 november 1995