Kabeljauw is in IJsland wat Madonna is in de VS

Overbevissing bedreigt welvaart in een der rijkste landen


HUSAVIK/REYKJAVIK - Zestig km onder de poolcirkel woont Sigurdur Gunmarsson, een kabeljauwvisser van 62 jaar in het noorden van IJsland. Toen hij 10 jaar was, trok hij voor het eerst naar zee, op zijn 30ste kocht hij zijn eerste boot. In zijn woonplaats Husavik wonen nog geen 2.500 mensen, maar het stadje heeft een infrastruktuur en een welvaart zoals weinig plaatsen ter wereld. Vis is de rijkdom van IJsland, maar overbevissing, temperatuurschommelingen en mogelijks de snelle regeneratie van het aantal walvissen dunde het visbestand dramatisch uit. Daardoor wordt de welstand bedreigd: voor het zesde opeenvolgend jaar moet IJsland zijn kabeljauw-kwota inkrimpen en deze maand kwam daar nog een devaluatie bovenop.

Kabeljauw is voor IJsland wat Madonna betekent voor de VS: in beide gevallen, zo schrijft een krant in Reykjavik, beheerst hun seksleven de krantenkoppen en van beiden worden de resultaten uitgedrukt in miljoenen dollars.

De vader van Sigurdur Gunmarsson leefde nog van landbouw en jacht - op zeehonden, vogels en vossen. Van zijn eigen kinderen is alleen een zoon in de visserij gebleven, als machinist op een grote treiler. Zelf vaart hij op een kleine schuit, niet verder dan 15 km uit de kust. Meer dan 40 ton kabeljauw per jaar mag hij niet vangen, maar zelfs van die hoeveelheid wordt volgend jaar nog eens 6 tot 7 ton afgeknaagd.

Gunmarsson leeft in Husavik, een kustplaatsje in het noorden van IJsland. Er wonen 2.471 mensen, met het platteland errond nog geen 4.500 personen. Het is een van de wonderen van de Noordse landen dat zo'n kleine gemeenschappen stand houden, en ook nog zo'n legendarische welvaart hebben opgebouwd. Visvangst en export zijn het wondermiddel.

In Husavik zijn er een ziekenhuis, een bejaardentehuis en een sporthal, een lagere en een middelbare school, een haven en een vliegveld, bussen en taxi's, een hotel, een zwembad en een golfterrein, een elektriciteitscentrale en een stadsbedrijf voor huisverwarming, een eigen krant, een museum en een teatergroep. Er moeten bruggen worden gebouwd, wegen worden hersteld, sneeuw worden geruimd. Dat alles met 2.471 inwoners en een gemeentebegroting van 210 miljoen fr. per jaar.

Bijna iedereen is eigenaar van zijn eigen, grote woning. In serres die gestookt worden met heet grondwater groeien sla, tomaten, paprika's en zelfs sinaasappelen - meer dan Husavik kan eten. Voor verwarming van een groot huis betaalt men nog geen 750 fr. per maand. Net buiten het stadje ligt de Laxal, met visrechten tot 20.000 fr. per dag de duurste zalmrivier van IJsland.

Het centrum van het maatschappelijk leven in Husavik is het openluchtzwembad, de bij horende Badstofa en de heet water-poel waarin dorpswijzen 's ochtends om 7 u. de politieke ontwikkelingen bespreken - een beetje zoals in de sauna in Finland.


Diepvriesvis

Maar de oorsprong van alle welvaart in dit stadje is het visvriesbedrijf, mede-eigendom van stad, verbruikerskoŲperaties en een tachtig privť-aandeelhouders. Twee eigen treilers en ook privť-vissers leveren ieder jaar een kleine 6.000 ton grondvis, voor drie kwart kabeljauw - in totaal goed voor een omzet van 500 miljoen fr. Vis die hier wordt ingevroren werd ten laatste zeven dagen geleden gevangen (de treilers blijven zes tot zeven dagen op zee).

Zoals 34 andere diepvriesbedrijven die nog eens 38 andere treilers beheren, is ook de visfabriek van Husavik aangesloten bij Iceland Seafood International (ISI), een van de twee grote verkoops- en exportorganizaties van IJsland. Op elke aangelande kg vis wordt een heffing ingehouden van 0,2 t.h. op de exportwaarde. Dat levert 28 miljoen fr. op per jaar, en daarmee ontwikkelt ISI nieuwe produkten in zijn researchbedrijf in Reykjavik.

Langs de omweg van zijn exportorganizatie heeft deze kleine vissersgemeenschap rechtstreekse banden met de importlanden. Zeventien t.h. van alle vis in Husavik gaat naar het Belgisch distributiebedrijf Covee, dat hier zestien verschillende verpakkingen laat vullen, van rogvleugels tot gepaneerde kabeljauwfilets en gepelde Pandalus-garnalen. Belgische prijsetiketten of streepjeskodes worden in Husavik gekleefd op Nederlandstalige verpakkingen.

Behalve aan Covee levert het Husavikse "visbedrijf nr 35" ook aan het Britse Marks & Spencer en aan Franse groothandelaars. Elk van die bedrijven stelt eigen normen over grootte, kwaliteit, vorm, samenstelling van het paneermeel, en dergelijke waaraan de IJslanders zich soepel aanpassen - ook al omdat zij zoveel mogelijk toegevoegde waarde willen bijbrengen aan hun basisprodukt. Zo eist Covee dat vis die voor haar wordt ingevroren, ten laatste vijf dagen eerder werd gevangen. De importeurs kontroleren het visbedrijf op hygiŽnische normen. Verzending gebeurt in vriescontainers.


Vrouwen

In de vis fabriek werken 140 personen, meestal vrouwen. Aan de band verdienen zij 45.000 fr. bruto of 37.000 fr. netto. Allen dragen koptelefoons, waarop ze kunnen kiezen tussen twee muziekkanalen. Twee keer per dag onderbreekt een gymnastiekprogramma het eentonig werk. Vooral in de bijna-aanhoudende duisternis van de IJslandse winter, werken veel arbeiders 45 en 50 uur per week. Tijdens ons bezoek wordt er voor een Frans bedrijf "Flťtans du GroŽnland" verpakt: heilbot die bij onze zuiderburen, evenals in veel Belgische restaurants, wordt verkocht als tarbot... Wat de kabeljauwvisser Sigurdur Gunmarsson met zijn eenmansbootje vaststelt, ziet ook direkteur Hallgrimur Valdimarsson van de visfabriek: de produktie van grondvis loopt achteruit, niet alleen omdat de kwota's verminderen maar ook omdat er gewoon minder vis zwemt in de traditioneel rijke wateren rond IJsland. Het is een zorgwekkende evolutie, want ze bedreigt de welvaart van kleine gemeenschappen als Husavik, en die vormen de ruggengraat van IJsland.

Voor het vangstseizoen dat op 1 september begint, verminderde de regering zopas de kabeljauwkwota's met nog eens 25 t.h. tot een schamele 155.000 ton, het zesde opeenvolgend jaar van vrijwillige produktiebeperking en een dieptepunt in de afgelopen decennia. In 1981 werd er in IJsland nog 462.000 ton kabeljauw gevangen; een absoluut record werd opgetekend in 1954 met 546.000 ton kabeljauw.


Miserie

De kwota voor het jaar dat eindigt op 31 augustus beloopt 205.000 ton, en ook dit was al een beperking met 22,5 t.h. tegenover 1991-92. Als gevolg van de kwota-beperking en de exportprijzen die met 13 t.h. lager liggen dan het vorig jaar, is in het lopend jaar de waarde van de uitvoer gedaald met 10 t.h. en het nationaal inkomen met 4 t.h.

Het einde van de miserie is nog niet in zicht. Samen met de nieuwe kwota-inkrimping kondigde de regering een devaluatie aan van de IJslandse kroon met 7,5 t.h. tegenover een korf andere munten, een bijkomende aantasting van de levensstandaard. Met een begrotingsdeficit van 15 t.h. en een werkloosheid die is opgelopen tot het "nooit geziene" peil van 5 t.h. beleeft IJsland zijn zesde opeenvolgend jaar van recessie, de langste periode van ekonomische teruggang sedert de jaren dertig.

Overbevissing en uitroeiing van het paaibroed zijn de redenen voor deze dramatische achteruitgang van de visserij in IJsland. Technologische vernieuwingen en de ontwikkeling van krachtiger motoren maken het mogelijk dat de steeds groter wordende treilers de oceaanbodem schoonvegen als stofzuigers. Sedert 1984 worden per vissoort vangstkwota toegekend aan met naam genoemde schepen, een systeem dat leidde tot een spekulatieve trafiek van kwotarechten en dat volgens critici van de vissers boekhouders heeft gemaakt.

Toch is het een paradoks dat IJsland pas goed met de uitroeiing van zijn gouden kip wordt gekonfronteerd, nadat buitenlandse vaartuigen uit zijn wateren werden verdreven. In vier etappes die drie keer hebben geleid tot een zogenaamde kabeljauwoorlog, werden de territoriale wateren en de gereserveerde ekonomische zone uitgebreid van 3 tot 200 zeemijlen.

Met Noorwegen en de Far Oer-eilanden, behoudt alleen ons land (met twee vissersboten) nog beperkte visrechten in de IJslandse wateren. BelgiŽ kreeg die gunst omdat wij als eersten het EG-blok doorbraken van tegenstanders tegen de 200-mijlszone. In IJsland dat nu een exclusieve ekonomische zone beheert van 758.000 km≤, zo groot als 25 keer de oppervlakte van BelgiŽ, worden stemmen gehoord om die zone uit te breiden tot 350 zeemijl.


Krisis

De inkrimping van de vangstkwota, de dalende prijzen en de vermindering van het visbestand bedreigen de welvaart van kleine vissersgemeenschappen als Husavik, de ruggengraat van IJsland. Bij de schaarse alternatieven voor visvangst behoren de ontwikkeling van energiebehoevende industrieŽn zoals de aluminiumproduktie, de uitbouw van het toerisme (een buitenlandse toerist brengt evenveel inkomsten aan als de uitvoer van een ton kabeljauw) en het vissen op nieuwe gronden, van Chili tot Kamchatka.

Iceland Seafood International heeft al twee permanente vertegenwoordigers in Petropavlovsk, de hoofdstad van Kamchatka. Met Kamchatka sloot ISI op 12 juni een overeenkomst. Het land heeft een jaarproduktie van 2 miljoen ton vis (IJsland: 1,5 miljoen ton, waarvan meer dan de helft minderwaardige soorten) maar wegens de ongunstige roebel-/dollar-koers slechts een onbetekenende omzet.

In afwachting dat die nieuwe ontwikkelingen ook resultaat hebben, beleeft welvaartstaat IJsland een van de ergste krisissen sedert zijn onafhankelijkheid op 17 juni 1944. In 45 van de 78 IJslandse gemeenschappen die vis aanlanden, vertegenwoordigt kabeljauw meer dan de helft van het regionaal produkt.

Vissers als Sigurdur Gunmarsson in Husavik troosten zich met de vaststelling dat er dit jaar veel vogels worden gezien op zee, altijd een gunstig voorteken, en dat de jonge vis aan gewicht schijnt te winnen. Maar omdat het ten minste drie jaar duurt vooraleer paaigoed uitgroeit tot een verkoopbare vis, houdt de krisis nog wel enkele jaren aan.


Foto


Husavik, een kustplaatsje in het noorden van IJsland. Een kleine gemeenschap van een goeie 2.000 inwoners, die een legendarische welvaart hebben opgebouwd. De visvangst was het wondermiddel. (foto mvo)

 


Mon Vanderostyne
26 juli 1993